Zonder ‘levensduurverlenging’ is de gebouwde omgeving niet op tijd toekomstbestendig

13 maart 2024

De gebouwde omgeving staat voor een immense opgave: maar liefst 7 miljoen woningen, 1 miljoen utiliteitsgebouwen (zoals scholen en kantoren) en meer dan 85.000 kunstwerken (zoals bruggen, viaducten en tunnels) staan op de nominatie om te worden versterkt, verbeterd en verduurzaamd. “Enkel slopen en nieuwbouwen is daarbij geen realistische optie. Mede vanwege het tekort aan arbeidscapaciteit en schaarste van grondstoffen. Het is noodzakelijk om de levensduur van bestaande gebouwde objecten te verlengen en tegelijkertijd de functionaliteit te verbeteren,” aldus Bart Brink, senior programmamanager TKI Bouw en Techniek. Hij wil levensduurverlenging als strategie stevig verankeren in de sector. “Met onze lopende innovatieprogramma’s en de start van ten minste twee nieuwe programma’s dit jaar, gaan we de innovaties ontwikkelen die daarvoor nodig zijn.” 

Bart Brink en Anouk Bolsenbroek zijn samen programmamanagers van het Meerjarige Missiegedreven Innovatieprogramma (MMIP) ‘Levensduurverlening gebouwde omgeving’ van TKI Bouw en Techniek. Met de ondersteuning van een Programma Adviesraad (PAR), samengesteld uit koplopers van kennisinstellingen, overheid en marktpartijen uit de ontwerp-, bouw- en technieksector, vormen zij het team achter het programma. Samen zetten zij zich in voor levensduurverlenging: het optimaal in stand houden, aanpassen en benutten van bestaande gebouwde objecten, met een specifieke focus op woningbouw, utiliteitsbouw en civiele infrastructuur.  

Bart Brink & Anouk Bolsenbroek

Dit alles speelt zich af tegen een achtergrond van een arbeidsmarkt die steeds krapper wordt en een groei in productiviteit die achterblijft bij andere sectoren. De behoefte aan innovaties die leiden tot een schaalsprong in productiviteit is daarmee groot: de renovatiegraad van maatschappelijk vastgoed zal met factor drie moeten versnellen richting 2028, en de productie rondom het vervangen en renoveren van infrastructuur dient op korte termijn meer dan te verdubbelen. 

 Wat is voor levensduurverlenging de innovatie opgave?

“Als we op grote schaal inzicht willen krijgen, zijn innovaties nodig.”

“Het is een combinatie van dingen, die we in het MMIP hebben uitgewerkt tot vier innovatielenzen,” legt Anouk uit. “De eerste innovatielens betreft de noodzaak tot inzicht en vooruitzicht van de opgave. De fysieke staat van veel woningen en gebouwen is op dit moment niet volledig in kaart gebracht. Dit geldt ook voor onze civiele infrastructuur. Hierdoor is het maken van prognoses en het prioriteren van investeringen moeilijk. Als we op grote schaal dit inzicht willen krijgen, zijn innovaties nodig.”   

Anouk licht de benodigde innovaties verder toe: “Je kunt denken aan geautomatiseerde inspectietechnieken die gebruik maken van een combinatie van databronnen, zoals sensoren en scanners, die een gebouw snel in kaart brengen. Om vervolgens data geïnformeerd te kunnen besluiten, is een goede afweging en prioritering nodig. Hierin spelen innovaties rondom de ontwikkeling van geüniformeerde voorspelingsmodellen een belangrijke rol.”  

Bart voegt hieraan toe: “En wanneer we investeringen eenmaal geprioriteerd hebben en overgaan op renovatie, zijn maatregelen nodig die breed toepasbaar zijn. Het ontwikkelen van een gevalideerd aanbod van maatregelen en technieken is de tweede innovatielens. Hiervoor zullen we gezamenlijk moeten werken aan de ontwikkeling van gevalideerde, levensduur verlengende maatregelen.  

Hoe zorgen jullie voor opschaling?

“De te ontwikkelen schaalbare innovaties rondom inzicht en vooruitzicht, en het valideren van een aanbod van maatregelen, moet gecombineerd worden met een aanpak die slimmer en efficiënter is. Een meer programmatische en seriematige aanpak is nodig. Dit is de derde innovatielens”, benadrukt Bart. “Deze aanpak moet leiden tot meer grootschalige en voorspelbare ‘verbouwstromen’: langere ketens van gebundelde activiteiten met een hoge repetitiefactor. Deze verbouwstromen maken het mogelijk om activiteiten vergaand te automatiseren en zelfs te robotiseren. Dit is cruciaal voor de benodigde schaalsprong”. 

Hoe gaat het MMIP Levensduurverlenging hiervoor zorgen?

Anouk benadrukt hierbij de rol van TKI Bouw en Techniek als katalysator: “We gaan samenwerkingen tussen kennisinstellingen, overheden en bedrijven stimuleren en versnellen, zodat we de technologische, sociale en procesmatige innovaties kunnen ontwikkelen die nodig zijn om voorliggende opgave te realiseren. We hebben daarbij dus zowel een rol in de ontwikkeling van schaalbare innovaties, als bij de verdere opschaling van deze innovaties binnen de sector.”  

“Want de echte impact schuilt uiteindelijk in opschaling van deze innovaties”

Want de echte impact schuilt uiteindelijk in opschaling van deze innovaties benadrukt Bart: “Dit vraagt ten eerste om het overdragen van ontwikkelde kennis aan de rest van de sector. Ten tweede, bij de juiste stakeholders obstakels identificeren, aankaarten en oplossen – zoals kapitaalinvesteringen – die opschaling belemmeren. Het ontsluiten van kennis en opschalen is de vierde innovatielens binnen ons MMIP.” 

Wat staat er dit jaar te gebeuren?

“Zowel regionaal als landelijk gebeurt er al veel,” legt Bart uit. “TKI Bouw en Techniek is bijvoorbeeld betrokken bij het Nationaal Groeifonds Programma Toekomstbestendige Leefomgeving, waar we ons richten op het schaalbaar in kaart brengen van de fysieke staat van kunstwerken. Verder zijn er programma’s zoals Verbouwstromen, dat zich focust op het creëren van meer voorspelbare renovatiestromen in de woningbouw. Het Brains4buildings consortium onderzoekt op zijn beurt hoe data kan worden ingezet om de energie- en comfortprestaties van bestaande kantoorgebouwen te verbeteren.” 

Maar dat is niet alles, benadrukt Bart: “Naast de lopende programma’s streven we ernaar om samen met de sector oplossingen te vinden voor een aantal andere, zeer actuele innovatievraagstukken. Hierbij kun je denken aan benodigde innovaties voor de funderingsproblematiek, het creëren van afwegingskaders voor eigenaren van objecten om betere keuzes te maken voor levensduurverlenging, en het aanpassen van bestaande woningen om tegemoet te komen aan de groeiende behoefte om langer thuis te blijven wonen.”  

“Ons doel is dat levensduurverlenging als strategie stevig verankerd is in de sector.”

Wat de twee verwachten van 2024: “Ons doel is dat levensduurverlenging als strategie stevig verankerd is in de sector. Met onze lopende innovatieprogramma’s en de start van ten minste twee nieuwe consortia dit jaar, gaan we de innovaties ontwikkelen die daarvoor nodig zijn.” 

Meer weten over MMIP Levensduurverlenging?

 

Andere berichten

  • 5 april 2024

    Afsluiting van programma Regionaal Bouwen aan Human Capital

  • 2 april 2024

    Mensen centraal in transitie naar duurzame bouw: ‘We hebben naast technische ook sociale innovaties nodig’

  • 1 april 2024

    Innoveren in de bouw? Betrek vakmensen